Premier Curaçao: ‘Toeristen zijn absoluut welkom hier’ – EditieNL

  • door

Het reisadvies voor Curaçao is nog steeds: reizen kan maar wees waakzaam, er zijn risico’s. Reizen wordt dus niet afgeraden. Ondanks het stijgend aantal besmettingen wordt de kleurcode van het eiland niet aangepast: het blijft geel. 

EditieNL sprak de premier van Curaçao, Eugene Rhuggenaath. Hij benadrukt dat toeristen nog steeds welkom zijn. “Absoluut. We hebben genoeg maatregelen dus ik heet ze zeker welkom hier op Curaçao.”

“Waar de grootste besmettingen op dit moment plaatsvinden is in de familiesfeer”, gaat hij verder. “We hebben genoeg mensen die helpen monitoren dat iedereen van een veilige vakantie kan genieten.”  

Rhuggenaath legt uit dat toeristen verplicht een PCA-test moeten doen voor ze naar het eiland komen en dat de lokale GGD iedereen elke vier dagen belt om te vragen of er symptomen zijn. Ook familiebezoek aan het eiland kan gewoon doorgaan.

Ook Nederland verandert het reisadvies voor het eiland nog niet. “We houden het scherp in de gaten, maar we gaan nog niet adviseren om de kleur aan te passen naar oranje”, laat een woordvoerder van het ministerie van Volksgezondheid weten. “De lokale regels moeten wel heel nauw worden nageleefd. Gebruik je gezond verstand, dat is van harte ons advies. “

Lokale uitbraak

Dat is ook wat Frank Oostdam, voorzitter van reisbrancheorganisatie ANVR benadrukt. Volgens hem kunnen Nederlanders nog gewoon op vakantie naar het Caribische eiland mits ze zich aan de regels houden. “Wat ik begrepen heb is dat het vooral om lokale besmettingen gaat. Die hebben niet zozeer te maken met toeristen”, zegt Oostdam tegen EditieNL.

“Er worden door reisorganisaties allerlei protocollen gehanteerd, die door iedereen gesteund worden.” Zo is er een verplichte PCR-test voor iedereen die naar het eiland wil en moet er in de hotels anderhalve meter afstand worden gehouden.

“Binnen de georganiseerde reisbranche wordt alles zo goed in de gaten gehouden dat het echt niet mis kan gaan. Het gaat er niet om waar je zit maar hoe je je gedraagt.”

Bron